Tot vreugde van ons allen heeft de toercommissie van Amycus een meerdaagse toertocht op het programma gezet, dit keer in de westelijke Betuwe. De tocht was georganiseerd door Joop en Bert en ik kan al nu verklappen dat het een groot succes is geweest.
Het liep allemaal naar wens en alles viel op zijn plaats: prachtig weer, een leuk hotel gelegen aan de Linge met een schitterend uitzicht, prima roeiboten, mooi rustig roeiwater door landelijk gebied. En last but not least: uitermatig prettige roeigenoten.


We (Gerard, Anneke, Bert, Alice, Joop, Marcel, Wil, Jan, Ron, Constant, Pieter en ondergetekende) vertrokken maandag 13 april om 9.00 uur met 5 auto’s vanaf Amycus naar Leerdam. Karin en Roos reden apart vanuit Deventer.
Om 11.00 uur werden we bij de Roeivereniging Leerdam met koffie en cake ontvangen. Het clubgebouw ligt op een dijk en de botenloods is beneden op de kade bij het water. Omdat we met 14 roeiers waren, werden we verdeeld over twee C4 boten en één C3 boot. Om 12.00 uur startten we in westelijke richting stroomafwaarts. Het traject was afwisselend, steeds bochtig en het roeide lekker omdat er praktisch geen scheepvaart is.





Toen we het stadje Heukelum naderden konden we aan bakboord het kasteel zien. Dit ligt precies op de grens tussen de provincies Gelderland en Zuid-Holland. Naast de kerk in Heukelum zagen we tussen de huizen door een ooievaarsnest met ooievaar en een jong. Vervolgens roeiden we verder tussen de groene oevers met aan beide kanten rietlanden en griendlanden. Het viel ons op hoeveel plassen en drassige gebieden er links en rechts waren. En daardoor ook veel watervogels. Er stonden heel wat knotwilgen die voor een groot deel geknot waren.
Even verder passeerden we aan stuurboord ons hotel “Aan de Linge”, in Kedichem, waar we 2 nachten zouden logeren. Nog wat verder bereikten we Spijk en het aan de andere oever gelegen Arkel. Hier splitste zich rechts de verbinding af naar het Merwedekanaal. De Linge zelf ging verder naar het 4 km verder gelegen Gorinchem, waar hij uitstroomt in de Boven Merwede.
Vlak bij de splitsing konden we aanleggen aan een mooie grassige lage oever, waar de riggers goed overheen konden schuiven waardoor het in- en uitstappen heel gemakkelijk was. We gebruikten onze lunch in het gras en bij een bankje in de zon, alles heel relaxed.






Na de lunchpauze stapten we weer in de boten en roeiden hetzelfde traject terug naar de RV Leerdam. Aldaar aangekomen werden de boten met vereende krachten weer vlot uit het water gehaald. Na het schoonmaken van de boten werden ze één voor één weer in de loods gelegd. Ze hadden daar een apart systeem om de boten in verband met de beperkte ruimte zo economisch mogelijk in de loods te bergen. Het ging met behulp van steunen op wieltjes waarop de voorkant van de boot eerst voorzichtig neergelegd moest worden waarna hij over rails naar binnen geduwd kon worden. Zo konden er wel 4 of 5 boten vlak boven elkaar neergelegd worden.




Vervolgens reden we naar ons hotel, inchecken, borrel en diner. De bedden waren goed, de wijn en het bier smaakten goed en het eten was prima.
Toen we de volgende dag wakker werden zagen we haast niets ten gevolge van zeer dichte mist. Die trok gelukkig binnen een uur helemaal op, mede door de zon die steeds meer doorbrak. Na een uitstekend ontbijt gingen we naar de RV Leerdam en maakten ons gereed voor de volgende tocht, nu naar het oosten stroomopwaarts richting Geldermalsen. We konden ontspannen roeien en genieten van de omgeving. Op veel plaatsen zijn de oevers van de Linge natuurgebied met veel waterplassen en vaak bijzondere planten en diverse broedvogels.
Eerst passeerden we de bebouwing van Leerdam met industriehaven maar daarna voeren we weer tussen de fraaie oevers met hier en daar treurwilgen met groen gekleurde neerhangende takken. Prachtig. We roeiden langs plaatsen als Asperen en Acquoy en bereikten onze eerste koffiestop. Dat was in Rhenoy. Het hier gelegen restaurant “Rustwat” lag aan het water en had een groot terras met lange kade, waar we mooi konden aanleggen. De koffie met appelgebak smaakte voortreffelijk en we zaten heerlijk in het zonnetje.





Nadat iedereen weer uitgerust was roeiden we verder. De Linge was maar aan het kronkelen en het uitzicht bleef steeds verrassend. Toen we Beesd waren gepasseerd naderden we de A2. Het lawaai van de snelweg werd steeds luider en dat verprutste toch wel de landelijke ambiance waar we ons op hadden ingesteld. Ten slotte bereikten we uiteindelijk Enspijk. Hier legden we aan bij een leuk onverhard bebost terras aan de overzijde van het natuurgebied Mariënwaard. De vriendelijke beheerder van horecabedrijfje gaf ons toestemming om ons lunchpakket daar te nuttigen. We bestelden uiteraard wel koffie/thee.
Nadat we ons gelaafd hadden werd de terugreis aanvaard. Onderweg zagen we hier en daar boomgaarden met bloeiende fruitbomen. Deze percelen waren meestal omzoomd door een beschermende haag, waar we (nu nog) doorheen konden kijken.
We roeiden in één ruk door naar het aan een zijarm gelegen dorp Acquoy. Hier meerden we aan bij een karakteristiek café dat nog de sfeer ademde van vervlogen tijden. Ook nu weer een zonnig terras. Heel gezellig.




Nadat we onze vochthuishouding hadden gecorrigeerd ging het weer verder, nu naar de RV Leerdam. Daar gingen de boten weer het water uit, ze werden schoongemaakt en vervolgens voorzichtig opgeborgen in de roeiloods.

Daarna voldaan naar ons hotel, waar ons een welverdiende borrel wachtte.

Het diner was weer van prima kwaliteit. We maakten kennis met een typisch streekgerecht: uiensoep, overdadig gegarneerd met champignons.
Woensdag 15 april was de laatste dag. Enkelen gingen na het ontbijt direct naar huis en de anderen bezochten het Glasmuseum in Leerdam. Het museum zelf ligt schuin tegenover het gebouw van de RV Leerdam. Er waren heel veel mooie ontwerpen te zien, vooral van Bert Frijns en van de gebroeders Guido en Antonio Bon. Na een kopje koffie met koek vertrokken we naar de glasblazerij, 2 km verderop. Hier konden we zien hoe op ambachtelijke wijze glasobjecten werden gemaakt. Terwijl de glasblazer bezig was, werd door een voorlichtster verteld wat er gebeurde. Ook heel interessant. In hetzelfde gebouw konden we lunchen en daarna stapten we in de auto richting Almelo.






Al met al was het een bijzonder geslaagde toertocht, die zeker voor herhaling vatbaar is.
Sip

